Home / databank vaarbewijs 1

databank vaarbewijs 1

Vraag 5 BPR: Een klein motorschip komt vanuit hoofdvaarwater en wil rechtdoor. Het grote zeilschip komt vanuit een haven en wil naar bakboord.  Wat bepaalt het BPR in deze situatie?

Het goede antwoord is b. Hier even een kanttekening. Heb je het recht van de weg, dan mag je verlangen dat je het krijgt. (hoe ingewikkeld kun je het vragen)

BPR zegt het volgende:

  • Een schip dat het hoofdvaarwater op wil varen, moet voorrang verlenen aan een schip dat in de betonde vaargeul aan stuurboordzijde van het hoofdvaarwater vaart. Een uitzondering hierop: een schip dat uit een betond nevenvaarwater komt varen. In deze situatie moet een klein schip op het hoofdvaarwater medewerking verlenen aan een groot schip dat van het betond nevenvaarwater komt.
Vraag 8 BPR: Je wilt je schip afmeren aan de wal. In de buurt van de plek waar je wilt afmeren, zie je een schip liggen met drie blauwe kegels met de punt naar beneden. Welke afstand moet je aanhouden om ligplaats te nemen? Kies het juiste antwoord uit de volgende mogelijkheden:

c) is het juiste antwoord.

Het Binnenvaartpolitiereglement schrijft voor, dat de minimale afstand tussen een afgemeerd kegelschip

10 m bedraagt voor een schip dat één blauwe kegel voert, 50 m bij twee blauwe kegels en 100 m bij drie kegels.

Vraag 11 BPR: Aan welke zijde moet een klein motorschip bij het oplopen een ander klein motorschip passeren volgens het BPR? a. Je mag aan bakboord of stuurboord voorbij lopen. b.Je moet aan bakboord voorbijlopen. c. jemoet aan zijn loefzijde voorbijlopen.

a) is het goede antwoord. Normaal passeer je het andere schip aan zijn bakboordzijde maar als de ruimte het toelaat en dit zonder gevaar kan verlopen, mag dit ook aan zijn stuurboordzijde

Vraag 12 Techniek: Een met vloeistof gevulde accu die moet worden onderhouden. Waarmee vul je deze accu bij? a. Gekookt water. b. Accuzuur. c. Gedestilleerd water.

c) is het goede antwoord. water distilleren is het ontdoen van zouten, chemicaliën enz. en dit gebeurt niet door water te koken

Vraag 16 Veiligheid: Welk blusmiddel is geschikt voor het blussen van branden van brandklasse B en C? a. De poederblusser. b. De schuimblusser en de poederblusser. c. De schuimblusser.

c) is juist.

klasse A zijn branden van vaste stoffen

Klasse B zijn branden van vloeistoffen

Klasse C zijn branden door gas

Klasse D zijn voor brandende metalen zoals magnesium

Klasse E zijn voor branden veroorzaakt door electriciteit

Vraag 20 lichtbakens: Waarvoor dient een sectorlicht? Kies het juiste antwoord uit de volgende mogelijkheden: a. Om het vaarwater in sectoren te verdelen.  b. Om een deel van het vaarwater te verlichten. c. Om in de veilige zone te blijven varen.

c) is het goede antwoord.

Sectorlichten behoren eveneens tot de geleidelichten. Een sectorlicht bevat een of meer lichtbundels die gekleurde sectoren aangeven. De witte sector geeft over het algemeen een veilige route aan. Nadert men een sectorlicht en men bevindt zich in de groene sector, dan zit men teveel naar rechts en moet men links uit sturen om weer terug in de witte sector te komen.Ziet men de rode sector dan zit men teveel naar links en stuurt men rechts uit om eveneens weer in de witte sector te komen.

Top